19 januari 2009

Feyenoordsupporters

Het was al laat toen ik het stadion van mijn cluppie verliet. Dat kwam door de nazit na de overwinning op Feyenoord. Ik had mijn auto ver weg in een klein straatje geparkeerd en toen ik daar aankwam, zag ik een vijftal jongens in het duister wat sneaky bij elkaar staan. Dichterbij gekomen bleken het Feyenoordsupporters te zijn (petje, sjaaltje). Eén van hen kwam plompverloren op me af, (gewoon doorlopen, Freek) en zei: 'Waar is hier het Hajé motel?'

'Da's nog een heel eind lopen jongens', zei ik zo opgewekt mogelijk. 'Kut..., fuck...,' werd er in het groepje gemompeld. Toen steeg ik boven mezelf uit en zei: "Mijn auto staat vlakbij, ik breng jullie wel even'. 'Die mijnheer zegt dat hij ons wil brengen', zei de woordvoerder tegen het groepje achter hem. Alom ongeloof; 'Zei u dat mijnheer?'. Ik was nu een mijnheer geworden.

Met vier man op de achterbank en één voorin tufte ik naar het motel. Ik kreeg van de heren hun opvatting mee dat 'die kankerspelers, moesten werken voor hun kankergeld'.
'Bedankt mijnheer', zeiden ze braaf, toen ze voor het motel uitstapten en 'goede reis verder'.
Aardige jongens, die jongens van Het Legioen.


freek

16 januari 2009

Hoofd afwenden

Ik kan veel hebben als het om rampen en oorlogen op de televisie gaat. Een overstroming met dobberende lijken; ik gruw, maar ik kan er naar kijken. Een gedrogeerde rebel in ver Afrika, die zijn automatisch wapen ergens op leeg schiet; ik schud het hoofd, maar ik kijk. Uitgemergelde kinderen, slachtoffers van een woestijnoorlog; ik krijg soms de tranen in mijn ogen, maar ik kijk en ik kijk.

Maar als de Gaza-oorlog in beeld komt, vertoon ik vluchtgedrag. Ik wil niet kijken en ik wil niet het sombere commentaar onder de beelden horen. Ik zap weg.
Dat komt omdat ik niet wil dat Israel dit doet, me ook kan voorstellen dat ze het wel doen en bovenal omdat ik wil dat Israel blijft bestaan.

En dat laatste heeft weer te maken met mijn gevoel dat de overlevende opgejaagden uit de Tweede Wereldoorlog een safe haven hebben verdiend en dat heeft weer te maken met mijn Joodse tante Dien, die geen echte tante was, maar toch en die het als enige van haar familie gered heeft toentertijd en de verhalen daarover in de familie toen ik een kind was.

Ik voel me radeloos verstrikt in tegenstrijdige gevoelens en ik kijk weg.


freek

15 januari 2009

Onze cultuur

...de Volkskrant, vandaag, over het succes van http://www.linkedin.com/...

Wat doet een enkeltje Tokyo tegenwoordig?

Metz leest de krant

Lekker weg in eigen land

Vorig seizoen zag ik Gertjan één keer in de veertien dagen. Hij zat aan de stamtafel van het spelershome van mijn cluppie de krant te lezen in afwachting van de komende wedstrijd. Ik en mijn maat G en zijn vrouw gebruiken ook deze lokaliteit als uitvalsbasis van ons wedstrijdbezoek. We komen daar binnen met de door G geritselde toegangskaarten.

Goed, terug naar Gertjan. Wij zeiden hem elke keer, als we hem zagen, goedenmiddag of goedenavond en maat G die hem wat beter kende vroeg nog wat door over geblesseerde spelers en zo.
We kregen altijd een vriendelijk kort, zakelijk antwoord.
Toen ging Gertjan naar Feyenoord. Eigenlijk vonden we dat jammer, want hij hoorde bij ons pré-wedstrijdritueel.
Gisteren ging hij weer bij Feyenoord weg en wat ik sterk vond, dat hij zelf aanzat bij de persconferentie om daar een toelichting op te geven. Meestal duiken trainers in zo'n geval een tijdje onder, of spuwen, veilig thuis in de huiskamer, kwaadaardige verontwaardiging over hun gedwongen vertrek.
Gertjan niet; beheerst, zakelijk, en onverbloemd naar de spelers toe lichtte hij zijn vertrek toe.

Als hij weer 's aan de stamtafel bij mijn cluppie zit, ga ik hem dat toch's zeggen.

freek

14 januari 2009

Stapelen 64

foto hierboven : Frouk

klik op foto voor groter formaat
(Uit privacy overweging i s Berend van achteren gefotografeerd)



Op dertien januari waren alle gestaalde kaders van de eco-kathedraal aanwezig op lokatie: Johan, Siebe, Berend, Frouk en Freek. Om kwart over tien was het schafttijd. Berend liep naar zijn auto, trok een geklede zwarte lakense jas aan, zette een zwarte hoed op en legde een wit servet over zijn linkerarm. Uit de achterbak haalde hij een fles Moët & Chandon, glaasjes en blokjes oude kaas. Daarna liepen wij in optocht naar het atelier in de ecokathedraal, alwaar Berend de drank feestelijk uitschonk en wij elkaar een goed stapeljaar toewensten. Na twee glaasjes gingen we weer stapelen.

Zo'n man als Berend kan je er wel bij hebben.


freek

13 januari 2009

Jeugdigen

Toen ik vanmiddag Gerdi Verbeet beluisterde, die met aangetrokken stembanden pochte over het groeiend aantal jonge mensen dat vergaderingen van de Tweede Kamer bezoekt, hoorde ik plotseling mijn vader. Het was in de jaren dat ik de kerkgang ontdook. Met het oogmerk mij mijn ongelijk te laten inzien, bracht mijn vader na thuiskomst van zijn bezoek aan de H.H. Mis in 'De Papegaai' altijd rapport uit. "Helemaal vol zat de kerk weer, en het was opvallend hoeveel jeugdigen daar tussen zaten!"

Metz luistert radio

Ijspret

Op het ijs van onze 'oude haven', een rustiek binnenkommetje, werd een schaatswedstrijd georganiseeerd en het dorp was uitgelopen. De lokale brandweer had gezorgd voor een feeëriek verlichte baan. Dat is trouwens geen kunst met zoveel lokale aannemers en handige jongens bij onze vrijwillige brandweer.

Het was een eigenaardige wedstrijd: een estafetterace voor paren, maar uiteindelijk werd het format gekozen van een startende heer die het stokje moest overdragen aan een dame, die op haar beurt weer een heer de laatste honderd meter liet rijden.

De jongens van de brandweer exploiteerden tevens een tentje met chocolademelk en gluhwein. Omdat het stervenskoud was, werd er door ons flink ingenomen. De wedstrijd verliep verder soepel, maar duurde lang, met veel winaars-en verliezersrondes.

Velen van ons gingen dus weer op huis aan terwijl de wedstrijd voortduurde.
Ik denk dat alleen de brandweer de finalerit heeft gezien.

freek

12 januari 2009

Overpeinzing op de zondagochtend (2)

Alhoewel pensionado, word ik zo nu en dan nog wel's gevraagd voor een klusje: een spreekbeurtje hier, een traininkje daar, een discussietje leiden elders.
In eerste instantie denk ik dan:' Ja, waarom niet', maar in tweede instantie steeds vaker;'Tja, waarom wel.'
Ben ik lui geworden, heb ik mij van de wereld afgekeerd, of zit ik te wachten op een nieuwe heup?
Niks van dat alles.

Als ik er, zoals nu, even bij stilsta, kom ik toch tot de conclusie, dat ik de ('gezonde', zei ik vroeger) spanning niet meer wil, die bij mij toch altijd opspeeldebij een publiek optreden. Ik wil me niet meer laten bekijken, laten beoordelen, ik wil niet meer proberen waar te maken dat Freek geknipt is voor dit soort klusjes.

Sartre had het in de donkere jaren vijftig van de vorige eeuw over de blik van de ander die je per definitie van subject tot object maakt. De ander immers . bekijkt, besnuffelt en velt een oordeel over je, zonder dat je weet welk oordeel.

'L'enver, c'est les autres.' (De hel, dat zijn de anderen), zei Sartre dus. Dat gaat mij een streep te ver, maar ik stop met te bewijzen, dat ik wel deug.

freek

09 januari 2009

Expertise

Nu het buitenwater steeds maar bevroren blijft, wordt hier ook de roep om ervaren ijsmeesters luider, maar ze zijn er niet, althans niet in voldoende mate. Die expertise is door de warme winters en een ander sociaal klimaat verloren gegaan. In mijn jeugd vormden uitgevroren koudegrondtuinders en bouwvakkers de IJswegencentrale. Daar was je lid van, je speldde het lidmaatschapskaartje op je trui en je had vrij baan. Die baan was uitgezet, beproefd en werd geveegd door de mannen van de IJswegencentrale. Die wisten van wanten en alles van ijs.

Ikzelf ken ook een paar soorten ijs: bomijs, ijs waar het water onder weg was gemalen; fondant-ijs, smeltend ijs; wit ijs, zacht en bros; zwart ijs, sterk en taai. Ik ben 's door zwart ijs gezakt en dat was een wonderlijke ervaring. Je krijgt opeens het idee dat je door een dalletje schaatst, het ijs buigt mee. In paniek probeer je je uit dit steeds dieper wordende dalletje te klauwen, totdat het ijs plotseling zachtjes onder je breekt en je tot je borst in het water staat.

Terug naar de mannen van de IJswegencentrale: gelooide koppen onder bontmutsen met een flap voor de oren; waterige rode oogjes van de kou, barse gezagvolle stem van nature. Ze zijn er niet meer en ik ben bang, dat ze ook niet meer terugkeren.

freek

08 januari 2009

Leve de natuur 51

De natuur slaat onbarmhartig toe met dit vriezende weer. Er wordt flink geselecteerd tussen sterken en zwakken. Als ik langs het meer loopt, draven alle meerkoeten van het land terug naar het kleine wak, behalve een paar zwakkelingen, die naast het pad blijven zitten en met hun kraaloogjes langs mij heen kijken. Ze zullen de volgende dag niet meer halen, na nog een strenge nachtvorst. Ook sommige eenden zijn niet meer in beweging te krijgen en 'wachten roerloos de nabije' dood.
Het is stil in dit bevroren land. De ganzen zijn weggetrokken, op zoek naar de vorstgrens.
In de verte ploegt nog een laatste binnenvaartschip door het met bonkende ijsschotsen vergeven kanaal tussen Lemmer en Delfzijl.
De lucht is kraakhelder, de drup aan mijn neus blijft terugkomen.

freek

07 januari 2009

Ze zeggen: 'Hij komt'.

Er heerst een ietwat nerveuze stemming bij ons op het platteland de laatste tijd.

Vorige week lieten de dorpen hier van zich horen door middel van melkbussen, carbid, water en vuur. Wie, zoals ik, toen buitengaats aan het lopen was hoorde rommelende frontgeluiden vanaf alle horizonnen. In de mist van het vlakke land was het rondom rustig. Eenden zaten in steeds kleiner wordende wakken en hielden zich ineengedoken doodstil om zo weinig mogelijk energie te verliezen. Een blauwe reiger was gesneuveld en lag vol overgave met uiteengespreide vleugels in het riet.
Alhoewel het weer nu wat kwakkelt maken nu in onze dorpen en steden de oude mannen zich druk. Ze meten het ijs, zetten netten en takkenbossen om wakken, laten gemalen stoppen, zodat het water niet onder het ijs vandaan trekt, verkennen routes en praten gewichtig met elkaar, alsof ze allemaal een teen hebben verloren in de eerste tocht. Waarover praten zij? Over de kansen op de volgende tocht.
Ik peilde de stemming: nog tien dagen goed vriezend weer en 'it giet oan!'


freek

06 januari 2009

leve de natuur 50

De vorst was even weggetrokken en ik liep mijn afkickrondje van de hond: het rondje om Dijken, vier kilometer.
Bij de Janesloot, in de bocht waar de keet van de binnenvisser staat en waar zomers de palingfuiken drogen en nu alleen maar fuikpalen op lengte gerangschikt buiten staan, daar bij die bocht zag ik dat de mollen alweer verse hopen hadden opgeworpen in de, nog bevroren, bermgrond.

Ik had dat niet alleen gezien, maar ook de torenvalk die vlak voor mij uit de berm opsteeg, met een molletje tussen de klauwen. In plaats van naar de horizon te vliegen, maakte de torenvalk een glijdende bocht en streek neer op de lage dakgoot van de visserskeet. De trek in deze mollenhap was zo groot dat het geen uitstel meer kon verdragen. De valk begon op acht meter afstand van mij te pulken, te pikken en te trekken en de mol verdween naar binnen. Ik stond er bij en keek er naar en de valk keek soms even naar mij.

freek

05 januari 2009

Overpeinzing op de zondagochtend (1)

Een paar maanden geleden kwamen we weer bij elkaar: jongens en meisjes van weleer die toentertijd leerden voor onderwijzer. Dat deden we twaalf jaar geleden voor het eerst (dat bij elkaar komen) en sindsdien is dit een driejaarlijkse traditie. Iedereen was er, die eerste keer, behalve een meisje dat het hoog in de bol had gekregen en Henk was er niet, want die was dood.
Over Henk heb ik toen een klein boekje geschreven, want ik wilde dat hij er ook bij was.
Dat boekje is geproduceerd door mijn toenmalige werkgever de Hogeschool van Amsterdam, ruim verspreid en al op Marktplaats verkrijgbaar.

Twee maanden geleden, toen we weer bij elkaar waren heb ik gezegd dat voor mij de koek op was. Dat ik niet meer zou komen, omdat mijn honger gestild was. Het wonderlijke van deze beslissing was dat ik daarna tegen Tj. kon zeggen dat ik haar vroeger niet braaf en tuttig vond, maar vrijmoedig en mij te machtig en dat ik L. nu met enige regelmatig bezoek, na haar val, in het ziekenhuis.

Het zijn 'toevallig' ook de twee 'meisjes', die mij in vertrouwen namen toen ik eertijds om munitie vroeg aan mijn oude klasgenoten voor mijn boekje over Henk. Dat deden ze belangeloos, openhartig en vrij.
Hen wil ik blijven ontmoeten, de anderen zal ik tegenkomen.

freek

02 januari 2009

Terug naar de kust

We wilden de drank en de oliebollen er uit trappen, en gingen op weg naar de kust om te lopen.
Eerst naar de Workumerwaard om Goudplevieren te zien, maar die hoorden we alleen maar. Verder was in dit lege buitendijkse land niks te zien, maar leeg land met lage horizon en veel lucht daarboven is ook mooi.
Toen zijn we bij Gaast maar de oude Zuiderzeedijk opgeklommen en zijn naar Piaam gelopen. De schapendrollen op de dijk waren godzijdank bevroren. De Makkumerwaard lag er ruig bij met bruine rietlanden en wilgenopslag.
Terug in de auto dronken we koffie en aten een boterham. De ramen besloegen.
Oudejaarsavond lag definitief achter ons.

freek

01 januari 2009

Beppe/mem

Zoon schreef in zijn aardige tijdelijke rubriek in de De Volkskrant, dat zijn beppe hem bij de eerste krabbels op het ijs heeft ondersteund op het slootje voor ons huis.

Mem was inderdaad een fanatiek schaatser: in de jaren dertig vorige eeuw schaatste zij in wedstrijden voor paren (opleggen) en in de jaren vijftig maakte ze met mij tochten. (mijn vader was een Drent)

Zo zijn we eens vertrokken op een stralende winterdag. Mem was euforisch en schaatste de wereld uit. In de namiddag trok ergens diep in het merengebied van Friesland binnen vijf minuten een grondmist op, die ons elk zicht benam en orientatie onmogelijk maakte. Ongerust schaatsten we verder in deze gesloten wereld, zonder te weten waar. Toen doemde uit de mist een schaatser op die ons naar zijn dorp (Tersoal) bracht. Langs de oever schaatsend hebben we na anderhalf uur Sneek bereikt en zijn daar op de bus gestapt. Weer een half uur later werden we ongerust scheldend verwelkomd door mijn vader.


freek